In de spotlights

maart 1, 2010

Na het optreden met de Fakkelbrigade in het altijd gezellige Tivoli bleef ik nog wat hangen om te feesten met vrienden. Boemklatsch draaide en gaf het startschot voor de nacht.
Op een gegeven moment zag ik allerlei mensen op het podium klimmen om daar hun dansmoves te laten zien, hun paar minuten van aandacht. ‘Apart’, dacht ik.In het gebulder van de bassen en het visuele geweld van de stroboscopen die ritmisch met felle flitsen de zaal verlichtten, dwaalden mijn gedachten af naar de discotheek in ’t Harde waar ik naar toe ging als ik uitmocht gaan.
Met nadruk op als, want hoe vrij mijn ouders me in andere opzichten ook lieten, uitgaan was  in mijn mid tienerjaren uitzondering en dan was het ook nog eens zo dat ik altijd een uur eerder thuis moest zijn dan mijn vrienden. Iets dat me ongelofelijk irriteerde en wat veel zaterdagavonden voor de nodige puberdrama zorgde. Terwijl ik dit schrijf, lig ik helemaal in een deuk. Beetje bij beetje komen die herinneringen weer terug.

Het leek op een kat en muis spel, positiebepaling, snel schakelen. Zonder strategie geen uitgaan.
Van maandag t/m woensdag puberde ik om de donderdag en vrijdag me wat voorbeeldiger te gedragen zodat ik me op de twee dagen van goed gedrag kon beroepen als ik weer de vraag deponeerde die ik weliswaar zorgvuldig timede.
Niet tijdens het eten, maar als ik de afwas had gedaan en mijn ouders tv zaten te kijken.
Wie weet verlamde de magnetische stralen tijdelijk een deel van hun hersenen en hadden ze niet door hadden dat ze ‘ja’ zeiden.
Ook wist ik elke week ook wel weer een andere reden te verzinnen. Van de dooddoener ‘ Iedereen gaat’ en ‘Dit is de eerste keer sinds een lange tijd dat we echt weer met de volledige vriendengroep bij elkaar zijn’ tot het wanhoopsverhaal   ‘ Een meisje van school heeft gevraagd of ik ook zou komen en misschien kan het wat met haar worden, maar dan moet ik wel nu gaan.’

Hilarisch.
Enfin, daar in de discotheek verbaasde ik me altijd over de meiden die op de bar of op ‘het blok’ gingen dansen. Nog shockerender vond ik het als jongens dat deden.
‘Why would you do that?’ Klaarblijkelijk is de dansvloer niet genoeg en moet er op een verhoging gedanst worden met zo’n ‘kijk eens hoe ik los ga’ gelaatsuitdrukking.

De oude fabriekshal in het hart van de Domstad is ondertussen vol gelopen met mensen en iedereen gaat uit zijn plaat. Mijn ogen staan nog steeds gericht op het podium. Het fascineert me. Tegelijkertijd besef ik dat ik elk weekend eigenlijk hetzelfde doe.
De sleur van de week te doorbreken, het normale ontstijgen, energie door mijn lichaam laten stromen en genieten. Transformeren tot de vrije wezens die we zijn of in ieder geval daar weer een glimp van opvangen. Gezien willen worden is denk ik een universeel iets, daarmee bevestig je dat je bestaat.
Ik sta op een podium, ga het liefst tot het uiterste tot ik geen energie meer over heb en ook ik vind de aandacht heerlijk. Geweldig hoe een hele zaal vol mensen kan delen in een bepaald gevoel en ik vind het tof dat ik door middel van de muziek kan aanzetten tot soms een explosie van uitbundigheid.
Verschil is alleen wel dat ik soms graag zou willen dat dat moment van schijnen, losgaan en aandacht krijgen tot het podium beperkt blijft. Wat niet het geval is, want buiten het podium zie ik er nog steeds uit als degene die op het podium stond. Al voel ik me dan niet meer zo.

Merkwaardig en tegenstrijdigheid, maar niet minder waar…

Wie heeft ook wel eens van die typische nadenk momenten terwijl ie aan het uitgaan is of heeft ook zo’n puber anekdote over zijn of haar pogingen om uit te gaan?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: